Een kijkje in de voorkamer, verlicht door kaarslicht. Mevrouw Alberda zit op de bank
1 van 3
Vorige
Volgende

Maand van de geschiedenis


Maand van de Geschiedenis met thema in 2018: Opstand

Menkemaborg, op stand en opstandig?

Ongetwijfeld is er rond en om de Menkemaborg in vroegere eeuwen gevochten. In de achttiende eeuw was het leven op stand een rustige tijd, of toch niet? Uit de bewaard gebleven brieven in het grote archief van de familie Alberda van Menkema en Dijksterhuis zijn een paar ‘opstandjes’ te halen.


De Menkemaborg kent een lange bouwgeschiedenis met diverse bewoners tot in 1682 Mello Alberda het landgoed koopt. Zijn nazaten blijven er wonen tot de laatste in 1902 overlijdt. De erfgenamen van deze bewoner schenken de Menkemaborg in 1921 aan het Groninger Museum. Na restauratie van tuinen en gebouwen wordt het in 1927 opengesteld voor bezoekers. Sinds 1969 beheert de Stichting Museum Menkemaborg de Menkemaborg.

Mello Alberda zijn jongste zoon Unico Allard erft in 1699 de Menkemaborg. Hij huwt in 1701 met Everdina Cornera van Berum en zij gaan de borg ingrijpend verbouwen en verfraaien. Ook de tuin is onderdeel van de barokke uitstraling en beide zijn vandaag de dag nog te zien.
Unico Allard overlijdt in 1714 en Everdina Cornera is een jonge weduwe met twee dochtertjes. De oudste trouwt in 1725 met haar neef, Gerhard Alberda van Dijksterhuis. De jongste huwt in 1733 met Jean Francois Graaf Von Wartensleben en hij speelt een rol in de volgende verhalen.

‘Mijn Heer en Mevrouw zijn nu alleen op Menkema in geduirige oorlogh met de oude Kaatje, ik ben op een achtermiddagh der eens geweest, maar ben daar vandaan gegaan met intentie der niet weer te komen.’ Een zin uit een brief, gedateerd 27 juli 1736, van redger (zaakwaarnemer) Eilerts aan Everdina Cornera van Berum (de weduwe van Unico Allard Alberda). ‘Mijn Heer en Mevrouw’ zijn Jean Francois Graaf Von Wartensleben en Wendelina Cornera Alberda, de schoonzoon en jongste dochter van Everdina Cornera.

Eilerts doet ook verslag aan Gerhard Alberda van Dijksterhuis over de aankoop van een buiten door Von Wartensleben. Hij noemt het een ‘oudt calvalje’, maar dat komt goed uit want Von Wartensleben slaat zelfs een oude knecht ‘een weinig om de ooren’ en zet hem buiten de deur. Ook Von Wartensleben doet zijn verhaal in een brief aan Everdina.
Zij heeft het duidelijk te stellen met haar schoonzoon.

Uit de brieven van Von Wartensleben blijkt hij duidelijk interesse te hebben in de erfenis van zijn echtgenote. Een problematische situatie voor Everdina en zij lost het op door belangrijke juridisch onderlegde Groningers een stuk op te laten stellen, waarin duidelijk staat, dat in het huwelijkscontract van 23 september 1733 is opgenomen, dat zij (Bruid en Bruidegom) haar moeder ‘.. hare Vaderen geheele nalatenschap vreedig te sullen laten continueeren, sonder bij hare Moeders leven daar op eenige actie of anspraak te houden…’. Everdina heeft een persoonlijk briefje bij dit processtuk gedaan, waardoor we haar handschrift kennen en ook blijkt, waarom ze haar eigen oordeel niet wil geven om ‘.. mijne moederlijke genegenheit voor mijn Dogter en u te zullen behouden ..’.
Ze wil geen ruzie, maar hij moet niet te ver gaan, want dan ...
Everdina Cornera overlijdt later dan haar dochters. Von Wartensleben hertrouwt op latere leeftijd.


Extra voor Kinderen in de maand oktober:
Voor kinderen is de toegang alle weekenden in oktober gratis en de junior-audiotour is de hele maand gratis. In de junior-audiotour maken de kinderen van nu een spannende tocht terug in de 18de eeuw. Gerhard en Susanna Alberda en de meid Fieke vertellen hoe het is om te wonen en te werken in de Menkemaborg.

zie verder bij